Mooie vijvers

21/05/2010 - 14:52

Weergaloze panorama's
Jean neemt Koen mee naar een toptuin, vlakbij Antwerpen, met mooie vijvers. Maar waar diepe vijvers zijn, zijn ook heuvels en vandaar heb je weergaloze panorama’s.
Het lijkt een Engelse tuin uit de boeken. En ze moesten langs hectaren tomatenserres rijden om de ingang te vinden. De eigenaar, een arts op rust, heeft de tuin dertig jaar geleden aangelegd. Het is zijn levenswerk. En hij nam er duizenden foto’s, in alle seizoenen. Want elke dag is de tuin anders. En met die foto’s maakte hij samen met Ivo Pauwels een boek.

Kurkdroog
De heuvels werden opgeworpen met grond uit de centrale vijver. Ze zorgen voor een gunstig microklimaat in de tuin. Het is echter niet vanzelfsprekend: planten op een heuvel van opgeworpen aarde. Dat mislukt vaak, als je niet eerst de graszoden weghaalt op de plaats waar je de grond gaat ophogen.  Want als je dat niet doet, wordt de capillaire werking van de bodem teniet gedaan en blijven de heuvels kurkdroog. (De capillaire werking is het naar boven zuigen van het water langs fijne kanaaltjes in de bodem.)

Daarom moet je eerst de graszoden weghalen voor je de heuvel opwerpt. Anders snijdt de zode de kanaaltjes door en stijgt het grondwater niet.

Maar omdat in deze tuin de graszoden zijn weggehaald, zit het grondwater onder de top van de heuvel bijna even hoog als aan de voet. Dankzij de fijne kanaaltjes in de bodem volgt het grondwater gewoon het reliëf.

Over de vijver ligt een dode boom, dat heeft de natuur helemaal zelf gedaan tijdens een zomerstorm vorig jaar. De wind als het ware als tuinontwerper.

Geen zicht over de hele tuin
Wat opvalt aan de tuin, is dat hij niet in een oogopslag te overzien is, zelfs niet vanop de heuveltoppen. Dat is een belangrijke tip voor mensen die zelf hun tuin ontwerpen, ook voor kleinere tuinen: laat het zicht van de keuken of woonkamer niet over gans de tuin gaan, want dan heb je geen zin meer om in de tuin te gaan wandelen! Laat de nieuwsgierigheid maar geprikkeld worden.

Kastanjes
In de kastanjedreef, staan Koen en Jean stil bij het feit dat deze mooie bomen tegenwoordig zo ziek worden tijdens de zomer. De oorzaak ligt bij de mineermotjes, een uit Zuidoost Europa afkomstig klein motje dat zijn eieren legt in de bladeren van paardenkastanjes en de jongste jaren aan een opmars naar Noordwest Europa is begonnen.
De larven van deze beestjes vreten gangen in het blad dat hierdoor lelijke bruine vlekken krijgt. De aangetaste kastanjes zien er vanaf eind juli steeds triester uit en laten in de loop van augustus veel blad vallen: in september zijn sommige exemplaren zelfs al volledig kaal.

De paardenkastanjes overleven deze aantasting meestal wel, maar het is een aanslag op de conditie. De bomen kunnen beduidend minder reservevoedsel opslaan en zullen het volgend seizoen verzwakt beginnen. Als de paardenkastanjemineermot jaar na jaar toeslaat, krijgen ook andere ziekteverwekkers vat op de paardenkastanjes.

Feromonen
Maar je kan biologische vallen ophangen. De mannetjes van de mineermot worden door de geurstof aangetrokken en verdrinken in het emmertje. Blijkbaar kunnen ze aan de vrouwelijke sexuele geurstof, het feromoon, niet weerstaan. Maar toch raken de bomen nog aangetast. Maar als je de feromoonvallen gaat combineren met een lijmband vang je nog meer mineermotjes en dijk je de aantasting nog sterker in. In tegenstelling tot de mannetjes hebben de vrouwtjes geen vleugels. Ze kruipen langs de stam omhoog en die vrouwtjes kun je dus met een lijmband vangen.

In de bast zijn ook enorme scheuren te zien. De scheuren die van onder naar boven gaan, zijn vorstscheuren. Na verloop van tijd groeien die mooi dicht. Deze verticale scheuren kunnen niet veel kwaad omdat de sapstroom gewoon verder blijft gaan.

Maar de horizontale zijn een gevolg van de bloedingsziekte, een bacteriële aandoening waaraan paardenkastanjes die door mineermotten zijn verzwakt nogal eens gaan lijden. Horizontale onderbreking van de sapstroom kan uiteindelijk leiden tot afsterven van de paardenkastanje!

Die bloedingsziekte komt nog maar een vijftal jaar in onze streken voor. Wetenschappers zoeken naarstig naar een bestrijdingsmiddel, en men weet nu al dat sterke en goed bemeste planten minder kans op aantasting hebben.
We moeten paardenkastanjes dus goed voeden. Ze hebben vooral nood aan veel stikstof en kalk. Paardenkastanjes wortelen heel oppervlakkig en zullen de kalk en de stikstof snel opnemen.

Appelboom
Jean en Koen zien de overweldigende bloei van de Malus floribunda, de wilde appelboom. Het is een appelaar die in geen enkele tuin mag ontbreken. Hij groeit gemakkelijk als je hem plant in grond die niet te zuur, niet te nat en niet te arm is. In de zomer verliest hij vaak wat blad, maar later op het jaar is de boom behangen met duizenden kleine appeltjes. En die zijn ideaal vogelvoer.

Bladkleuren
Wat veel mensen in een kleine tuin doen, aandacht schenken aan de bladkleuren en tinten van de vaste planten, heeft de eigenaar in het groot gedaan met bomen. Koen en Jean wandelen langs de heuvels met veel verschillende bladkleuren. (Spiraea, Pyrus, Acer, Cedrus, Cornus...)
De tuin is allerminst eentonig door de bladkleuren. Niet alleen veel soorten groen, maar ook geel, oranje, grijs... En die kleuren van het loof of de naalden maken de tuin spannend zodat hij altijd boeit.

De eigenaar heeft de bomen eigenhandig geplant. Hij noemde zijn boek dan ook Schilderen met de schop.Maar eenvoudig is dat niet. Je kunt toch niet alle bladtinten kennen en foto’s op het internet of in catalogi zijn niet altijd een goede leidraad. Het is eigenlijk vooral een kwestie van een goede voorbereiding. Struiken en bomen koop je meestal als ze kaal zijn, in de herfst of de winter. Maar je kiest ze in de zomer, dan staan ze op hun mooist in de kwekerij. En dan kies je jouw exemplaar uit. De boomkweker zal een label met jouw naam erop aan de struik of de boom hangen als je die in de zomer bestelt.

Schaduw
Jean en Koen gaan rozen verplanten omdat ze in de schaduw staan. De rozen werden niet in de schaduw geplant, maar in de volle zon. Maar de bomen eromheen zijn zo gegroeid dat de rozen nu in de schaduw staan. Een tuin leeft en verandert voortdurend. En hoe ouder een tuin, hoe meer schaduw, of je moet bomen vellen.

Dus kunnen ze beter de (oersterke) roos 'Queen Elisabeth' vervangen, want in de schaduw kwijnt die weg. Ze gaan op die plaats een hortensia planten, een plant die schaduw verdraagt.
Maar ook daar is de keuze belangrijk. Ze kiezen voor de cultivar ‘Xian’, een hortensia waarvan de knoppen laat uitlopen zodat de roze bloemen meestal aan de late nachtvorst ontsnappen.
De kleur van een hortensia hangt af van de grond. Hier bevat de bodem voldoende kalk zodat de roze kleur behouden blijft. Als je dat wil, kun je de roze bloemen blauw kleuren door de bodem aan te zuren met speciale hortensiagrond en regelmatig blauwmaker voor hortensia’s te gebruiken.

Aesculus hippocastanum (witte paardekastanje)
Malus floribunda (wilde appel)
Hydrangea macrophylla  ‘Xian’ (hortensia)

Info: Jean Vanhoof
www.zwemvijver.be
 

Ontdek meer over Archief