Koen trekt naar de tuin van Katrien Vandierendonck

04/05/2010 - 13:56

Wim neemt Koen mee naar de tuin van de bekende bloembinder en decorateur Katrien Vandierendonck. Een tuin die ze helemaal alleen heeft aangelegd. Hij ligt in een weids landschap en is heel apart.

Ze zien er dakplatanen en haagstructuren in allerlei vormen. En een grote vijver. Maar daar is werk aan. Eerst gaan ze de bladeren van de platanen eruit halen. Maar er is een waterlelie die helemaal is losgekomen van de bodem en die gaan ze volgens de regels van de kunst opnieuw planten.

Waterlelies kunnen om verschillende redenen komen bovendrijven. Misschien is er gisting opgetreden en hebben de opborrelende gassen de wortelstok losgemaakt. Anderzijds zuigt de wortel ook lucht aan langs de holle stengels en kan er zoveel lucht rond de wortelstok komen dat hij loskomt en gaat drijven.
Ook grote vissen als goudvissen en koi kunnen een waterlelie loswoelen. Daar komt nog bij dat ze na jaren vaak gaat drijven zonder aanwijsbare reden.

De (kanjer van een) wortelstok wordt niet gewoon terug geplant. Ze gaan enkel de jongste delen planten. De oudere zagen ze weg.
De lelie wordt in de bodem geplant maar de wortelstok moet verzwaard worden, bijvoorbeeld met een  zware steen. Want als ze helemaal in blad staat, is een waterlelie een forse plant en is de trekkracht van de bladeren niet te onderschatten.
Wim en Koen bevestigen een steen aan een van de wortelstokken. Met bindbuis, want de rubber rekt wel, maar rot niet en lost niet in vijverwater op. De steen mag echt niet loskomen, want anders krijg je weer hetzelfde probeem en gaat de waterlelie opnieuw vlotten.
Ze hoeft zelfs niet echt geplant te worden. Als de wortelstok op de grond ligt en dankzij één of meer stenen verankerd is, zal ze wel wortelen. Wanneer de watertemperatuur stijgt zal ze opnieuw weelderig groeien.


Daarna gaan ze verder naar een van de pronkstukken van de tuin: een lange pergola begroeid met blauweregen. De blauweregen is nog niet helemaal gesnoeid. En dat gaan Wim en Koen doen.
Ze kunnen nu perfect zien waar de meeste bloemknoppen verschijnen, op het eerste gedeelte van de lange ranken. Daarna staan de bloemen veel verder uit elkaar.
Als je die lange ranken zomaar laat groeien dan krijg je geen overzichtelijk geheel. Daarom snoeien ze die lange ranken terug. Dat kun je nu nog doen of op het einde van de winter.

In de zomer groeien die blauweregens met heel lange ranken. Daarom wordt hij in augustus of al eerder ook weer teruggesnoeid. Zo kun je hem in bedwang en in vorm houden.


Verderop zien ze een artistieke plantensteun, gemaakt van dikke snoeitakken die een frame vormen voor klimrozen. Een heel leuk idee en het kan overal, gewoon door wat groot snoeihout te verzamelen. Je kan deze originele klimstructuur zelfs tegen een muur van een stadstuin construeren.


De kersenbomen zijn al van ver te herkennen aan de bolvormige bloesem. In deze tuin staan oude eerbiedwaardige kersenbomen die er al staan van de tijd dat het nog een echte boerderij was en het leven niet sneller ging dan een ossenspan.


Dan komen ze bij de unieke parterre lavendel. Geen lijn is recht. En er staan duizenden vergeet-mij-nietjes. In de Provence gaan de stroken lavendel over heuvels en door dalen. Wil je in dit vlakke land de illusie van beweging creëren, dan moet je zoals Katrien Vandierendonck met gebogen lijnen werken. En de vergeet-mij-nietjes die mogen er gewoon tussen groeien, tusse woekeren. Vergeet-mij-nietjes zijn tweejarig. Ze zaaien zich naar hartelust uit tussen de steentjes. En die steentjes, een soort van dolomiet, verwijzen ook weer naar de Provence.

De meeste tuiniers tuinieren niet, ze poetsen hun tuin. En dat is hier allesbehalve het geval en dat levert een wilde schoonheid op. Als hier geschoffeld zou worden, zouden er veel minder of bijna geen vergeet-mij-nietjes bloeien.


Alles heeft karakter in de wandeltuin. Hij is heel lang en smal, en toch heb je dat gevoel niet. Er zijn heel aparte zithoekjes. Terrassen als ankerplaatsen. Je wordt er naar achter gezogen.
En wat anderen zouden verwijderen of vervangen door nieuw, blijft hier staan en heeft karakter, zoals de doorgeschoten haag van zwarte els. En zelfs een hoop grijze stenen of een losse stapel boomschijven die blijven liggen, heeft hier karakter.

Er is ook zeer veel buxus. Dat moet veel geduld gekost hebben. Katrien vond ooit buxusstruiken bij het oud vuil. Ze verzamelde ze en begon ze te stekken. Ze beweert dat je buxus van de lente tot de zomer kunt stekken, altijd als je gesnoeid hebt.

Buxus stekken is niet moeilijk, iedereen kan het. Je snoeit stukjes van 10 cm.
Vul een piepschuimen bak met zaai- en stekgrond en voeg er nog eenderde scherp zand aan toe. Dat is het recept van Katrien Vandierendonck.
En dan steek je de stekken in de piepschuimen bak. Heel dicht bij elkaar. Ze hebben dan de neiging sneller te wortelen. Je zet de bak dan in een stil plekje in de schaduw.
Na de winter hebben ze worteltjes gevormd en kun je ze naar potjes met goede potgrond verspenen. Dankzij het scherp zand komen de plantjes gemakkelijk los en kwets je de pas gewortelde stekjes niet of nauwelijks.
Meer is het niet. Gewoon een portie zaai- en stekgrond, wat buxussnoeisel en een pak geduld.
 

Achteraan in de tuin staat een tuinhuis dat helemaal vervallen is. Katrien wil het ooit herstellen, renoveren en er zelfs wonen als de tijd er rijp voor is.
De tuin vraagt nog steeds werk maar de mogelijkheden zijn heel groot. Van de boomschijven gaat ze tafels maken. En de boombank kan je zelf maken als je een beetje een knutselaar bent.

Katrien is een meester in decoratie: de achteloos gestapelde planken ontrekken eigenlijk een caravan aan het oog. Meesterlijk in zijn eenvoud. Vanop het heuveltje kun je het dak van de caravan nog zien.

Maar het heuveltje heeft eigenlijk een andere functie. Nu kan je rondkijken over de velden, maar over enkele maanden staat de maïs op de velden twee meter hoog. Dan heb je het heuveltje als uitzichtpunt nodig om van het weidse landschap te kunnen genieten.


Nymphaea ‘Charles de Meurville’ (waterlelie)
Wisteria floribunda (blauweregen)
Prunus avium ‘Bigarreau Burlat’ (zoete kers)
Myosotis sylvatica (vergeet-mij-nietje)
Lavandula angustifolia (lavendel)
Luzula sylvatica (grote veldbies)
Alnus glutinosa (els)
Buxus sempervirens (randpalm, buxus)


Info:

Katrien Vandierendonck
Antwerpse Heirweg 52
8340 Sijsele-Damme
katrien.vandierendonck@telenet.be

Wim Houtmeyers
boomkweker
www.houtmeyers.be

Ontdek meer over Archief